De verhoogde inspanningen voor adaptatie

Doorheen de jaren is het belang van adaptatie in de internationale onderhandelingen gestaag toegenomen. Dit komt onder meer omdat de beschikbare wetenschappelijke informatie (zoals bv. het 4de Assessment Report van het IPCC) met steeds grotere zekerheid aantoonde wat de gevolgen van de klimaatverandering zullen zijn. Hieruit bleek dat zelfs met de meest stringente uitstootbeperkingen, landen geconfronteerd zullen worden met de impact van de klimaatverandering, en zich bijgevolg zullen moeten aanpassen.

Aangezien ontwikkelingslanden - en dan vooral de meest kwetsbare onder hen (zoals de minst ontwikkelde landen, de kleine eilandstaten en de Afrikaanse landen) - de zwaarste impact zullen voelen en tegelijkertijd over de meest beperkte middelen beschikken, zijn het deze landen die het adaptatie-vraagstuk op de internationale klimaatagenda geplaatst hebben. Adaptatie werd in 2007 in Bali geïdentificeerd als één van de 5 sleutelelementen of ‘building blocks’ van een toekomstige klimaatdeal. Partijen hebben benadrukt dat aan adaptatie en mitigatie hetzelfde belang moet worden toegekend. Adaptatie en mitigatie dienen in parallel te worden uitgevoerd, elkaar complementerend en met de nodige financiële en technologische ondersteuning. Het belang van adaptatie en de focus op de meest kwetsbare landen werden herbevestigd in het Kopenhagen Akkoord. De onderhandelingen leidden in Cancún tot de aanname van het ‘Cancún Adaptation Framework’, als onderdeel van de zogenaamde ‘Cancún-akkoorden’.

 

Het ‘Cancún Adaptation Framework’ bevat een aantal actiedomeinen (clusters), meer bepaald met betrekking tot

  • Implementatie : een werkprogramma om de problematiek van ‘loss & damage’ aan te pakken alsook een proces dat de Minst Ontwikkelde Landen moet toelaten om nationale aanpassingsplannen op te stellen. Beide processen dienen in 2011 en 2012 geoperationaliseerd te worden ;
  • Ondersteuning : de ontwikkelde landen gaan akkoord om ontwikkelingslanden met de nodige financiering, technologie en capaciteitsopbouw te ondersteunen;
  • Instellingen : de creatie van een ‘Adaptation Committee’ op internationaal niveau, waarvan de concrete modaliteiten in de loop van 2011 uitgewerkt dienen te worden; het versterken en waar nodig oprichten van regionale centra en netwerken alsook het aanduiden van nationale instellingen;
  • Een aantal leidende principes, zoals het belang van gelijkheid van geslacht (gender), het belang om adaptatie te integreren in andere beleidsdomeinen, het gebruik van wetenschappelijke informatie als vertrekbasis, enz.;
  • Het belang om stakeholders te engageren.

Daarnaast is er op internationaal niveau nog steeds het Nairobi Work Programme actief, dat nu voor een nieuwe fase staat. Gedurende de laatste 5 jaar heeft het NWP landen bijgestaan om een beter inzicht te krijgen in de gevolgen van klimaatverandering, kwetsbaarheid en aanpassing.

Verder zijn de discussies inzake adaptatie heel sterk gelinkt aan de discussies inzake financieringsbronnen, waarbij de financiële steun op het vlak van de adaptatie momenteel eerst en vooral ontoereikend is en bovendien via een groot aantal kanalen verleend wordt. Voor beide problemen wordt gepoogd een oplossing te vinden binnen de discussies inzake financiëring.