Overeenkomstig het samenwerkingsakkoord van 14 november 2002 verbindt de federale overheid zich ertoe te rapporteren over de vorderingen en de implementatie van de federale beleidslijnen en maatregelen (die zijn opgenomen in het Nationaal Klimaatplan), die afhangen van tal van departementen (FOD Financiën, Energie, Vervoer, Fedesco…).
De Dienst Klimaatverandering heeft dus als opdracht om al die informatie bijeen te brengen om de evaluatie van de federale maatregelen te coördineren. Daartoe leidt de dienst een opvolgingscomité, samengesteld uit de verschillende federale administraties, en in dat kader heeft hij studies opgestart om de al verwezenlijkte reductie van broeikasgassen in kaart te brengen.
Die ramingen van de reducties richtten zich in eerste instantie op de eerste periode van het Protocol van Kyoto (2008-2012), en werden vervolgens uitgebreid tot 2020 zodat ze geïntegreerd kunnen worden in de dynamiek van het energie-klimaatpakket. De verkregen cijfers tonen aan welke successen er al werden geboekt en welke inspanningen er nog geleverd moeten worden, en zijn noodzakelijk voor een groot aantal besprekingen en beslissingen.
De rapporten die werden opgesteld reiken ook een transparante methodologie aan die ter beschikking wordt gesteld van de werkgroep Beleid en Maatregelen (WG PAMs) van de Nationale Klimaatcommissie (NKC), en dienen bijgevolg als input voor de rapporteringen aan de Europese Unie (art. 3 (2) van Beschikking 280/2004/EG van het zogenaamde Monitoring Mechanism) of de UNFCCC (Nationale Mededeling).
De Dienst neemt ook actief deel aan de werkzaamheden van een Europese technische werkgroep (CCC-WG2 [1]) die instaat voor het beleid, de maatregelen en de projecties onder het Monitoring Mechanism.
[1] Working Group II “Implementation of the Effort Sharing Decision, Policies and Measures and Projections” under the Climate Change Committee
![]() |