logocop15_-_Copenhagen.jpglogocop16_-_Cancun.jpg

 Klimaatonderhandelingen in 2010

Van Kopenhagen tot Cancún

 

 

De internationale klimaatonderhandelingen zijn lang en complex, vooral omdat ze een groot aantal landen betreffen – vaak met uiteenlopende belangen - en een impact hebben op aspecten zoals economie, gezondheid, industrie, landbouw, etc. Daarom moet elke vergadering beschouwd worden als een kleine stap in een lang proces… Deze voorbereidende vergaderingen hebben eind 2010 geleid tot de Klimaattop van Cancún, die het pad moet effenen voor nieuwe klimaatakkoorden.

De vorige klimaattop in Kopenhagen (december 2009) werd in de pers als een grote mislukking afgeschilderd, en dat is ook het beeld dat bij het grote publiek is blijven hangen. Het Kopenhagen Akkoord bevat nochtans een aantal elementen die in aanmerking komen voor onmiddellijke uitvoering, zoals de ‘fast start’-financiering. ‘Fast start’ kan een aantal activiteiten voor dringende aanpassing of in verband met capaciteitsopbouw zeer snel op het terrein van start laten gaan. Dit is op zich een goede zaak en kan bijdragen tot het herstellen van het vertrouwen tussen ontwikkelingslanden en ontwikkelde landen in de verdere onderhandelingen. Het belang van het correct nakomen van deze engagementen kan dan ook moeilijk onderschat worden.

Sindsdien zijn de verwachtingen wel naar beneden bijgesteld. Dat neemt echter niet weg dat dit jaar bijzonder intensief onderhandeld wordt om toch tenminste enkele belangrijke akkoorden in de wacht te slepen.

Voor het leiden van het verdere verloop van de onderhandelingen heeft de conferentie het initiatief toevertrouwd aan Mexico, het gastland van de volgende klimaatconferentie die begin december 2010 zal plaatsvinden in Cancún. Als midden-inkomensland is Mexico goed geplaatst om de kloof tussen ontwikkelingslanden en industrielanden te helpen overbruggen en het vertrouwen te herstellen.

Mexico stelt voor om aanvullend aan intense bilaterale consultaties een aantal informele sessies te organiseren met een wisselende, maar representatieve samenstelling. De resultaten hiervan kunnen dan ingebracht worden in de formele onderhandelingen. Tegelijkertijd wil men de voorzitters van beide werkgroepen [1] de ruimte geven om zelf tekstvoorstellen op tafel te leggen, die de patstellingen overstijgen en de basis kunnen vormen van een compromis.

Vier intersessies werden georganiseerd :

 

Mexico - 18-19/03/2010

De eerste informele bijeenkomst in Mexico (18 en 19 maart 2010), heerste een constructieve sfeer en vonden de Mexicanen veel steun voor hun aanpak.

 

Bonn - 9-11/04/2010

Tijdens deze sessie werd de onderhandelingskalender en de manier van werken tot aan de klimaatconferentie besproken, met het oog op het heropstarten van de inhoudelijke onderhandelingen in juni. Er werd afgesproken tussen juni en Cancún nog twee bijkomende onderhandelingssessies te organiseren.

 

Bonn - 2-6/08/2010 

De 194 deelnemende landen hadden afgesproken in Bonn om deze derde sessie van klimaatonderhandelingen te starten.

Zoals het geval was in de voorgaande sessies, speelden de onderhandelingen zich af in twee parallelle sporen:

  • het ‘Kyoto-spoor’ (AWG KP
  • het ‘Verdragsspoor’ (AWG LCA)

De voornaamste doelstelling van deze 3de sessie was om vooruitgang te boeken inzake de teksten die zowel in de AWG KP & AWG LCA op tafel lagen, namelijk verminderen en verduidelijken van het aantal geschilpunten, met de bedoeling om slechts enkele opties & alternatieven in de teksten over te houden zodat dit de het nemen van beslissingen op politiek niveau vergemakkelijkt in Cancún.

Het AWG KP spoor boekte vooral vooruitgang in het duidelijk identificeren van de verschillende opties met betrekking tot bepaalde technische regels zoals het in rekening brengen van koolstofputten in het gebruik van flexibiliteitsmechanismen en het transfereren en aanwenden van niet gebruikte quotas uit de eerste verbintenissenperiode van het Kyoto Protocol. Deze discussies hebben toegelaten om de tekst lichter te maken, met het oog om de echte onderhandeling aan te vangen in oktober, tijdens de sessie in Tianjin. De herwerkte versie van de tekst is hier beschikbaar.

Voor wat betreft het AWG LCA spoor was er minder vooruitgang, vooral doordat een aantal deelnemende landen een aanzienlijk aantal amendementen heeft ingediend of voorbehoud hebben aangetekend bij bepaalde opties geïdentificeerd in de tekst, met als resultaat dat het werk voor de volgende sessie hierdoor nog lastiger wordt. De herziene versie is hier beschikbaar.

In het kader van het Belgisch Voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie, heeft België gesproken namens de Europese Unie. Hieronder vind je de link naar de statements die tijdens de plenaire openings- en sluitingsessies van de afgelopen onderhandelingsessie werden uitgesproken:

U kan deze tussenkomsten net als de EU-persconferenties hier on-line herbekijken.


 

Tianjin - 4-9/10/2010

Van 4 tot 9 oktober 2010 is China het gastland voor een tussentijdse klimaatsessie die de moeilijke klimaatonderhandelingen extra vooruitgang moest doen boeken. Hoofddoel van deze bijkomende klimaatsessie was om minstens op een aantal vlakken een degelijke vooruitgang in de onderhandelingen te boeken, die op de eerstvolgende klimaatsessie van Cancún in december tot akkoorden moet leiden. Ons land, dat van juli tot en met december 2010 voorzitter is van de Europese Raad, zet op deze sessie alle hens aan dek om dit einddoel mee te helpen bereiken.

U kan hier tevens de "statements" raadplegen die België en de Europese Commissie tijdens de twee plenaire vergaderingen (aan het begin en het einde van de conferentie) voor de twee onderhandelingssporen (het ‘Kyoto-spoor’ - AWG KP en het ‘Verdragsspoor’ - AWG LCA) brachten in naam van de Europese Unie en diens lidstaten.

De uitdagingen zijn groot

Dat is ook de reden waarom in oktober in de Noord-Chinese havenstad Tianjin – in een splinternieuw congrescentrum - een week lang een extra onderhandelingsronde werd ingelast, die bijkomende ruimte voor onderhandelingen creëert en garant moet staan voor een betere voorbereiding van de nakende top. De tijd die nog rest is immers bijzonder kort.

Tianjin

Dat was ook de kernboodschap van de plenaire openingsvergadering, waarbij de sprekers opriepen tot efficiënt onderhandelen. Christiana Figueres – Secretaris-generaal van UNFCCC  – benadrukte dat de conferentie de laatste onderhandelingsronde van Cancún is, en riep de onderhandelaars op om hun zoektocht naar “common ground” te versnellen en moedigde de lidstaten aan om duidelijk te verwoorden wat een haalbare en politiek gebalanceerde set van beslissingen zou inhouden. En ze voegde eraan toe: "Zoek gemeenschappelijke standpunten en zet verschillen aan de kant, om zo een evenwichtig resultaat te bekomen, dat misschien niet volledig zal zijn op het vlak van de details, maar dat allesomvattend is qua inhoud”.

Tianjin

Dezelfde bezorgdheid klonk ook de dag daarop tijdens een druk bijgewoonde persbriefing van het Belgisch voorzitterschap en de Europese Commissie. “Er bestaat een brede eensgezindheid over hetgeen in Cancún bereikt kan worden. We moeten ons op deze vlakken focussen en resultaten boeken. Alle onderhandelaars zijn zich terdege bewust van het feit dat – als er in Cancún geen deftig resultaat geboekt wordt – het klimaatbeleid in de ogen van de de wereld wel eens als totaal irrelevant zou kunnen beschouwd worden.”, zo vatte Arthur Runge-Metzger van de Europese Commissie de uitdaging van deze conferentie samen.

Hoe blijven we onder een globale temperatuurstoename van 2°C ?

Lors de cette session à Tianjin (Chine) le EU’s Climate Change Expert Group ‘Science’ (un groupe de scientifiques européens) een rapport onder de titel « Scientific Perspectives after Copenhagen » voorgesteld dat een aantal aspecten onder de loep neemt van de internationale inspanningen om de 2°C-doelstellingen te halen en een evaluatie maakt van de totale emissiereductie-beloften onder het Kopenhagen Akkoord.

Scientific Perspectives after Copenhagen

Dit Kopenhagen Akkoord – één van de belangrijkste resultaten van de klimaattop van Kopenhagen van december 2009 - stelt zich tot doel de globale opwarming van het klimaat te beperken tot maximum 2°C om “gevaarlijke menselijke interferentie” met het klimaatsysteem te vermijden. Het riep de Partijen bovendien op hun engagementen (“beloften”) voor een emissiereductie tegen het jaar 2020 voor te leggen opdat deze 2°C-doelstelling zou kunnen gerealiseerd worden.

De wetenschappers hebben zich gebaseerd op de meest relevante studies, waaronder het vierde evaluatierapport van IPCC en identificeerden een reeks voorwaarden die een redelijke kans zouden kunnen bieden om de 2°C-doelstelling te halen:

  • Een plafond in de globale uitstoot dient tegen ongeveer 2015 bereikt te worden. Hoe later dit plafond bereikt wordt, hoe sterker de benodigde uitstootreductie zal zijn in de daaropvolgende decennia, wat mogelijk niet meer haalbaar zal zijn en de kost van reductiemaatregelen zal doen toenemen.
  • Tegen 2050 is een globale reductie in de uitstoot van 50-70% in vergelijking met de uitstoot in 1990 vereist. Ook na 2050 zullen er nog bijkomende emissiereducties nodig zijn. 
  • De reductie in de uitstoot van langlevende broeikasgassen zoals CO2 is essentieel, maar daarnaast kunnen ook reducties van kortlevende broeikasgassen, zwarte aerosolen, troposferische ozon en door luchtvaart geïnduceerde condensatiesporen een belangrijke bijdrage leveren.

Niettemin geeft zelfs de meest optimistische interpretatie van de huidige reductie-engagementen aan dat bijkomende engagementen nodig zouden zijn om ervoor te zorgen dat de 2°C-doelstelling (met een redelijke kans) haalbaar blijft. Zonder zulke bijkomende actie nu, zullen de reductiepercentages na 2020 mogelijk onhaalbaar worden.

Om dergelijke emissiereducties te bereiken, zullen er geloofwaardige, efficiënte en rechtvaardige beleidsinstrumenten nodig zijn, die zoveel mogelijk bronnen van uitstoot aanpakken.

Event

Het nieuwe referentiedocument versterkt het bewijs geleverd door het vierde evaluatierapport van IPCC: het beperken van de opwarming tot minder dan 2°C boven het pre-industriële niveau beperkt in sterke mate het risico op het uitlokken van versnelde en onomkeerbare veranderingen in het klimaatsysteem en van grootschalige negatieve gevolgen.

De wetenschappelijke resultaten suggereren heel duidelijk dat een ambitieuze politieke overeenkomst nodig is aangezien de tijd om te handelen en een gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen, bijna voorbij is.

 

Meer informatie
Het referentiedocument “Scientific Perspectives after Copenhagen” werd geïnitieerd onder het Spaans voorzitterschap en afgewerkt tijdens het Belgisch voorzitterschap. Voor een gedrukt exemplaar: secretariat_ssd@belspo.be.