Structuren van het Klimaatverdrag

UNFCCCDe CoP

Het hoogste orgaan van het Verdrag is de Conferentie van de Partijen (Conference of the Parties, COP). De COP is de vergadering van alle landen die het Verdrag hebben geratificeerd en is sedert 1995 jaarlijks samengekomen. De rol van de COP bestaat erin

  • de uitvoering van het Verdrag te bevorderen en te evalueren
  • nieuwe wetenschappelijke evoluties en de doeltreffendheid van de klimaatprogramma’s van de Partijen te beoordelen
  • eventueel tot bijkomende verplichtingen te beslissen door amendementen van het Verdrag (Protocols) aan te nemen.

De hulporganen SBSTA/SBI

Naast de Conferentie van de Partijen heeft het Verdrag ook 2 zogenaamde “hulporganen” opgericht:

  • het Hulporgaan voor Wetenschappelijk en Technisch Advies (Subsidiary Body for Scientific and Technological Advice - SBSTA): dit vertaalt wetenschappelijke en technische informatie, waaronder informatie van de verschillende bevoegde internationale instellingen, naar de eerder beleidsgerichte noden van de COP (zie artikel 9).
  • het Hulporgaan voor Uitvoering (Subsidiary Body for Implementation - SBI):
    dit staat de COP bij in het evalueren van het nakomen van de bepalingen van het Verdrag en in het voorbereiden van haar beslissingen. (zie artikel 10)

AGBM en AG13 

Twee bijkomende organen werden door de COP tijdens haar eerste zitting ingesteld:

  • de Ad hoc Groep voor het Berlijns Mandaat (Ad Hoc Group on the Berlin Mandate - AGBM). De AGBM heeft inmiddels haar taak om een Protocol (Het Protocol van Kyoto) voor te bereiden volbracht en bestaat dus niet langer.
  • De “Ad hoc Group on Article 13” (AG13), belast met de voorbereiding van de implementatie van het in dit artikel gedefinieerde “Multilateraal Overleg”. Oorspronkelijk had dat overleg moeten uitmonden in een mechanisme om de vragen van de Partijen over de uitvoering van het Verdrag op te lossen. Tijdens de Conferentie van de Partijen in Kyoto in 1997 werd afgesproken om het mechanisme uit te breiden naar alle verbintenissen in het kader van het Protocol van Kyoto (art. 13 PK). Helaas liepen de werkzaamheden van AG13 op niets uit en uiteindelijk werd dus een afzonderlijk conformiteitsmechanisme opgezet voor het Protocol van Kyoto.

AWG KP 

  • De 5de Conferentie van de Partijen van het Protocol van Kyoto (Montreal, 2005) richtte een “Ad Hoc Working Group on Further Commitments for Annex I Parties under the Kyoto Protocol” op (Ad hoc werkgroep inzake verdere verbintenissen voor Bijlage 1-partijen bij het Kyoto-Protocol - AWG KP). De groep had als taak de toekomstige verbintenissen (na 2012) van de Partijen onder het Protocol van Kyoto te onderzoeken, en wel binnen een dusdanige termijn dat er geen onderbreking komt in de de verbintenissen van het Protocol, zoals bijvoorbeeld de eerste verbintenisperiode van 2008 tot 2012, niet onderbroken worden.
  • Tijdens de 8ste Conferentie van de Partijen, waarin de partijen bij het Protocol van Kyoto bijeenkwamen (2012), heeft de groep haar werkzaamheden voltooid. Een van de beslissingen die tijdens die conferentie werden genomen was de aanneming van het amendement van Doha tot instelling van de tweede verbintenisperiode van het Protocol (2013-2020).

AWG LCA

  • In 2007 nam de 13de Conferentie van de Partijen de “routekaart van Bali” aan die onder andere bestond uit de instelling van een “Ad Hoc Working Group Long-Term Cooperative Action under the ConventionAd hoc werkgroep voor samenwerking op lange termijn” (AWG LCA). Het doel van de werkgroep is bredere afspraken te maken over de verbintenissen van de Partijen, dat wil zeggen alle ontwikkelde landen die Partij zijn (inclusief de Verenigde Staten, die het Protocol van Kyoto niet geratificeerd hebben) en de ontwikkelingslanden.
  • Het mandaat van de AWG LCA had afgerond moeten worden met een akkoord ter gelegenheid van de 15de Conferentie van de Partijen (Kopenhagen, 2009). Toen dat akkoord er niet kwam, werd de AWG LCA steeds met een jaar verlengd, tot de 18de Conferentie van de Partijen. Tijdens die conferentie werd uiteindelijk een beslissing genomen over een reeks verbintenissen inzake een langetermijnvisie, mitigatie, aanpassing en bijstand.

ADP

  • Intussen was tijdens de 17de Conferentie van de Partijen (Durban, 2012) een nieuw proces gelanceerd met de “Ad Hoc Working Group on the Durban Platform for Enhanced Action -  Speciale Werkgroep van het Platform van Durban voor versterkte maatregelen” (ADP).

  • Het mandaat van die groep luidde om, overeenkomstig het Verdrag, een protocol, een ander rechtsinstrument of een gezamenlijk overeengekomen tekst met juridische waarde uit te werken. Dat document moet van toepassing zijn op alle Partijen, zodat ook de verantwoordelijkheden van de ontwikkelingslanden versterkt kunnen worden, overeenkomstig een dynamische interpretatie van het principe van gezamenlijke maar gedifferentieerde verantwoordelijkheden, al naargelang de capaciteiten van de Partijen.

  • Het is de bedoeling dat de werkgroep tijdens de 21ste Conferentie van de Partijen, die in december 2015 in Parijs wordt gehouden, haar werkzaamheden afrondt met een nieuw verdrag.