/ Pro News / /

Een VN-expertteam maakte een audit van 2 Belgische rapporteringen

In de week van 3 tot 8 november 2014 heeft België een delegatie van experts van de Verenigde Naties  (UNFCCC) ontvangen. Deze experts hebben twee rapporten grondig geanalyseerd: de  Zesde Nationale Mededeling van België (NC6) en het  Eerste tweejaarlijkse rapport (BR1).

Deze oefening heeft een groot aantal Belgische experts die actief zijn in de Nationale Klimaatcommissie gemobiliseerd en werd gecoördineerd door de Dienst Klimaatverandering van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. 

Deze delegatie heeft het Belgische klimaatbeleid aan een echte audit onderworpen en heeft zich gebogen over de verschillende verbintenissen van België, de implementatie van de verschillende onderdelen van het klimaatbeleid en de evaluatie- en monitoringprocedures zowel op nationaal vlak (emissie-inventaris inzake broeikasgassen, beleid en maatregelen, projecties, impact en aanpassing, opvoeding en  sensibilisatie, onderzoek…) als op internationaal vlak (technologische en financiële ondersteuning, versterking van de capaciteiten,…). Voor BR1 ging het om de eerste technische evaluatiefase die zal worden gevolgd door een multilaterale evaluatie tijdens de UNFCCC-vergadering in juni 2015.

Er is een bijzondere bijeenkomst gewijd aan een discussie met vertegenwoordigers van het maatschappelijk veld, leden van de Federale Raad Duurzame Ontwikkeling (noord-zuid- & milieu-NGO’s, jeugdraad) die hun visie op het Belgische klimaatbeleid, hun verwachtingen en prioriteiten hebben kunnen geven. Deze vertegenwoordigers hebben zich in het bijzonder gekant tegen het gebrek aan ambitie op het vlak van de emissiereductiedoelstellingen, het gebrek aan coherentie tussen de verschillende soorten beleid die worden gevoerd door de verschillende bevoegdheidsniveaus, het ontbreken van een strategie op lange termijn, de gebreken van België op het vlak van de internationale financiële ondersteuning en de interne blokkeringen (onder meer wat betreft de verdeling van de inspanningen tussen de verschillende overheden voor de implementatie van het Europese klimaat- en energiepakket). Ze hebben ook opgeroepen tot een grotere transparantie en een betere toegang tot de informatie.

In haar voorlopige conclusies heeft de VN-delegatie van experts onderstreept dat de informatie die wordt verschaft in deze twee rapporten over het geheel genomen volledig was en in overeenstemming was met de voorziene richtsnoeren. De delegatie heeft ook gewezen op een aantal lacunes en opgemerkt dat er slechts fragmentarische informatie beschikbaar is, onder meer op het vlak van:

  • de wijzigingen van de institutionele regelingen op nationaal vlak
  • de impact van het beleid en de maatregelen (PAMs) op de tendensen op lange termijn van de uitstoot en de absorptie van antropogene broeikasgassen
  • de projecties tegen 2030 
  • het « nieuwe en bijkomende » karakter van de internationale financiële ondersteuning
  • de financiering van het aanpassingsfonds
  • de ondersteuning aan de ontwikkelingslanden

De delegatie van experts heeft er ook op gewezen dat de transparantie van de verschafte informatie zou kunnen worden verbeterd op het vlak van:

  • het nationale systeem (gegevensinzameling) en het register van de broeikasgassen (resultaat van de testprocedures)
  • de institutionele regelingen
  • de minimalisering van de ongewenste effecten van de klimaatverandering en de responsmaatregelen
  • het beleid en de maatregelen
  • de projecties inzake de uitstoot van broeikasgassen
  • de technologische en financiële ondersteuning
  • de vooruitgang op het vlak van het halen van de doelstellingen

Deze conclusies en aanbevelingen zullen in een rapport worden opgenomen waarvan de publicatie tegen 23 februari 2015 is gepland.